Terug naar de homepagina
Blessures en mondgezondheid: Het belang van gebitsbeschermers - Thumbnail

Blessures en mondgezondheid: Het belang van gebitsbeschermers

In aanloop naar de Olympische Winterspelen van Milaan–Cortina 2026 staat freestyle skiën opnieuw volop in de schijnwerpers. Wat ooit begon als een speels experiment op de piste, is uitgegroeid tot een technisch hoogstaande en spectaculaire Olympische sport. Freestyle skiën combineert creativiteit, lef en perfectie en spreekt daarmee een breed en jong publiek aan. Tijdens een interview van Oral-Vision met Leo Jansen, voormalig trainer en Olympisch jurylid, wordt duidelijk hoe deze sport zich heeft ontwikkeld en welke fysieke eisen zij stelt aan de atleten en welke (mond)blessures het meest voorkomen. Freestyle skiën vindt zijn oorsprong in de jaren zestig in de Verenigde Staten. Skiërs begonnen toen te experimenteren met sprongen, spins en acrobatische bewegingen, puur voor het plezier. Deze vrije manier van skiën werd bekend als hot-dogging en kende nauwelijks regels of vaste vormen. In de jaren zeventig veranderde dit karakter. Freestyle skiën groeide uit tot een georganiseerde sport met officiële wedstrijden en vaste disciplines zoals moguls, aerials en zelfs balletskiën. Door de hoge sprongen en harde landingen is freestyle skiën blessuregevoelig. Knieblessures, zoals kruisbandletsel, komen het meest voor, gevolgd door enkel-, rug- en schouderblessures. Ook hersenschuddingen kunnen optreden, ondanks het gebruik van beschermende uitrusting. Daarom gelden er strenge eisen: freestyle ski’s zijn korter en lichter dan traditionele ski’s, en rugbescherming wordt sterk aanbevolen. Ook mond- en kaakblessures komen regelmatig voor. Leo zag in zijn carrière onder andere afgebroken of uitgeslagen tanden, snij- en scheurwonden aan lippen en wangen en klachten aan het kaakgewricht. Het dragen van een helm in combinatie met een gebitsbeschermer kan het risico op deze blessures aanzienlijk verkleinen. Gebitsbeschermers zijn in freestyle skiën geen overbodige luxe. Ze beschermen tanden, lippen en kaak zonder het ademhalen te belemmeren. Vooral op maat gemaakte gebitsbeschermers bieden de beste pasvorm en worden veel gebruikt door wedstrijdskiërs, terwijl dunne performance mouthguards comfort combineren met bescherming. Om die bescherming goed te laten werken, is het belangrijk dat het bitje schoon blijft en op de juiste manier wordt bewaard. Na elke training of wedstrijd moet het bitje direct worden afgespoeld met koud of lauw water. Zo verwijder je speeksel, vuil en bacteriën. Het bitje kan daarna voorzichtig worden schoongemaakt met een aparte, zachte tandenborstel en een beetje milde zeep of een speciale reiniger voor mondbeschermers. Een mouthguard (bitje) beschermt het gebit tegen beschadiging tijdens trainingen en wedstrijden. Om die bescherming goed te laten werken, is het belangrijk dat het bitje schoon blijft en op de juiste manier wordt bewaard. Na elke training of wedstrijd moet het bitje direct worden afgespoeld met koud of lauw water. Zo verwijder je speeksel, vuil en bacteriën. Het bitje kan daarna voorzichtig worden schoongemaakt met een aparte, zachte tandenborstel en een beetje milde zeep of een speciale reiniger voor mondbeschermers. Heet water en gewone tandpasta zijn niet geschikt, omdat deze het materiaal kunnen beschadigen of vervormen. Na het reinigen is het belangrijk dat het bitje goed kan drogen. Laat het aan de lucht drogen en berg het pas op als het volledig droog is. Een Sportieve groet met een glimlach, Jolanda Gortzak, Oral-Vision